In opdracht van projectontwikkelaar D. Eggink ontwierpen Dudok en zijn compagnon Robert Magnée in 1964 een markant kantoorgebouw aan de ringweg A10 in Amsterdam. Het 40 meter hoge gebouw omvatte oorspronkelijk 13.000 vierkante meter aan kantoorruimte, vergaderzalen, een gezamenlijke kantine en een rijwielstalling. Het werd in 1967 opgeleverd en heette kantoorgebouw ‘Zaanstad’. Later is het bekend geworden als het ‘Elseviergebouw’, omdat het tot 2005 de hoofdzetel van dat uitgeversconcern was.
Het twaalf verdiepingen hoge kantoorgebouw valt op doordat de gebouwen in de directe omgeving niet hoger zijn dan vier of vijf bouwlagen. De gevel is streng symmetrisch. Het glazen trappen- en lifthuis dient als spiegelas van de hoofdgevel.
Oorspronkelijk hadden Eggink, Dudok en Magnée een gebouw van achttien etages voor ogen. Maar de gemeente gaf daar geen toestemming voor, tot teleurstelling van de architecten. De verlaging deed in hun ogen afbreuk aan de geometrische verhoudingen van het gebouw.
Na een periode van leegstand gaven de stichting DUWO en woningstichting Rochdale in 2012 opdracht aan Knevel Architecten om het kantoorgebouw om te bouwen tot studentenflat. Daarmee kwamen de opdrachtgevers tegemoet aan de enorme vraag naar betaalbare studentenwoningen. Tegelijkertijd gaf de nieuwe bestemming een enorme impuls aan de levendigheid van deze locatie in Bos en Lommer. In de 11 verdiepingen zijn 245 woningen gerealiseerd voor maximaal 285 studenten. Op de begane grond is in 2016 een hostel geopend.
Het gebouw kreeg in 2019 de status van gemeentelijk monument.


