Gerelateerde werken
Collège néerlandais, Parijs (1927-1938)
Op de hoek van Boulevard Jourdan en Rue Emile Faguet in Parijs staat een gebouw dat menig architectuurliefhebber zal verrassen: het Collège néerlandais, ontworpen door Dudok. Het is een van slechts drie gerealiseerde werken van Dudok in het buitenland.
Het verhaal begint in de jaren twintig, wanneer de Franse onderwijsminister André Honnorat een ambitieus plan ontvouwt: een internationale studentenstad die de wereldvrede moet bevorderen. Nederlandse diplomaten zien kansen. In 1926 richt ambassadeur John Loudon een actiecomité op, met als doel een Nederlands paviljoen in deze idealistische smeltkroes.
Frans Vreede, directeur van het Nederlands Studiecentrum in Parijs, krijgt de leiding van het project. Hij kiest voor Dudok als architect — een gedurfde keuze. Dudok had net zijn ontwerpen voor het Hilversumse Raadhuis gepubliceerd en voor- en tegenstanders verrast met zijn eigen interpretatie van het modernisme.
Het ontwerpproces verliep allesbehalve rechtlijnig. Aanvankelijk tekende Dudok een vierkante plattegrond met royale binnentuin, vergelijkbaar met het Raadhuis. Maar zolang er onvoldoende geld was ingezameld, wees de Cité Universitaire geen terrein toe. “Pas d’argent, pas de terrain”, schreef Vreede aan Dudok.
Toen eindelijk een perceel beschikbaar kwam, bleek het driehoekig. Dudok, als Hilversums stedebouwkundige gewend aan onregelmatige kavels, paste zijn ontwerp direct aan. Maar hij liet het er niet bij zitten: hij reisde naar Parijs om persoonlijk te pleiten voor een rechthoekig hoekterrein. Met succes.
Wie het Collège néerlandais bezoekt, herkent onmiddellijk Dudoks handschrift. Net als bij het Raadhuis zijn verschillende bouwvolumes gegroepeerd rond binnenplaatsen. De verspringende massa’s creëren een asymmetrisch, spannend geheel. Horizontale en verticale lijnen wisselen elkaar af, licht en schaduw spelen hoofdrollen.
Zelfs de karakteristieke toren ontbreekt niet — in Parijs geen klokkentoren, maar de behuizing van trapportaal en liftkoker. Eén opvallend verschil: waar het Raadhuis is bekleed met Dudoks geliefde lichtgele baksteen, dwongen kostenoverwegingen in Parijs tot gepleisterde gevels met lichtgekleurde verf.
De bouw startte in 1928, maar de wereldwijde depressie legde het project jarenlang stil. In 1932 betrok directeur Vreede zijn appartement, wat hij later omschreef als “wonen in een bouwput”. Pas na een landelijke fondsenwervingscampagne — compleet met koninklijke steun en de slogan “Bouw af! Weg die blaam op Neerlands’ naam” — kon het gebouw in december 1938 officieel worden geopend. Sindsdien hebben duizenden studenten uit Nederland en de hele wereld daar tijdens hun studie gewoond.
Dudoks Parijse schepping was er enkele jaren geleden nog slecht aan toe. Pas toen het Collège néerlandais in 2005 tot monument historique werd uitgeroepen kwam er geld voor renovatie – uit te voeren onder leiding van een Franse architect. Het Nederlandse bureau Van Hoogevest Architecten leverde een belangrijke bijdrage aan het restauratieproject. Van de totale 21 miljoen euro die dat gekost heeft, droeg de Nederlandse staat 2 miljoen bij.