Gerelateerde werken
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
fotoarchief Spaarnestad
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. C.A. Deul (links), A. Meyer
Wendingen nr. 8, 1930. A. Meyer
De Bijenkorf, Rotterdam (1928-1930)
Toen Dudok in 1928 een prijsvraag won voor een nieuw filiaal van De Bijenkorf in Rotterdam kreeg hij de kans om iets te bouwen wat Nederland nog niet kende: een warenhuis als symbool van de moderne metropool. Twee jaar later, op 16 oktober 1930, opende aan het Van Hogendorpsplein een gebouw dat nationaal en internationaal veel indruk maakte. Kranten spraken van het grootste en modernste warenhuis van Europa, een “sprookjespaleis van glas en steen”.
Bekijk de bouw, de glorietijd en de ondergang van Dudoks Bijenkorf In Rotterdam in deze korte documentaire.
English version, click here.
Het gebouw stond als een glazen oceaanstomer op de kop van de Coolsingel. De lange horizontale gevels van staal en glas werden onderbroken door vlakken gele baksteen, terwijl een ranke toren met daarop een grote glazen ‘diamant’ als een baken boven de stad uitstak. Dudok combineerde functionaliteit met monumentaliteit: modernisme zonder kilte. Overdag weerspiegelde de gevel het bruisende Rotterdam; ’s avonds veranderde het gebouw in een paleis van licht, die de stad deed gloeien. Het was architectuur als spektakel.
Binnen ontvouwde zich een wereld die voor veel Rotterdammers nauwelijks voorstelbaar was. De enorme lichthal, bekleed met wit marmer, zwarte accenten en rode metalen leuningen, gaf bezoekers het gevoel een theater van consumptie binnen te stappen. Roltrappen, vitrines, exotische producten en neonreclames versterkten de ervaring van luxe en vooruitgang. Bij de opening kwamen naar schatting 70.000 nieuwsgierigen kijken.
Die magie zat niet alleen in de architectuur, maar ook in het idee achter het gebouw. De Bijenkorf verkocht niet alleen producten uit de hele wereld; het verkocht een moderne levensstijl. In het crisisjaar 1930 bood het warenhuis een welkome droom van elegantie en wereldburgerschap. Voor sommigen was het een tempel van vooruitgang, voor anderen een ontoegankelijke kathedraal van luxe. Juist die spanning gaf het gebouw zijn mythische status.
Maar het leven van Dudoks meesterwerk was kort en tragisch. Op 14 mei 1940 werd Rotterdam gebombardeerd. Twee derde van de Bijenkorf ging verloren. Het overgebleven voorste deel werd provisorisch opgelapt en werd in 1941 heropend.
Na de oorlog bleek echter dat niet alleen het gebouw beschadigd was, maar ook zijn plek in de stad. De wederopbouwplannen van Rotterdam vroegen om brede verkeersaders en een nieuwe stedebouwkundige opzet. Dudoks Bijenkorf stond letterlijk in de weg van het geplande “venster op de rivier”. Ondanks zijn architectonische betekenis werd het gebouw midden jaren vijftig gesloopt; in 1957 opende verderop een nieuwe Bijenkorf naar ontwerp van de Amerikaanse architect Marcel Breuer.
Zo verdween een van de spectaculairste gebouwen van het vooroorlogse Rotterdam. Wat resteert zijn foto’s, herinneringen en het besef dat de stad ooit een warenhuis bezat dat even futuristisch als vergankelijk was. Van het oorspronkelijke gebouw rest nog één tastbaar overblijfsel: de monumentale gevelsteen De Werkende Mens van beeldhouwer Hendrik van den Eijnde. Na decennia in opslag werd het kunstwerk gerestaureerd en op 14 september 2024 door burgemeester Aboutaleb onthuld op de Coolsingel — een kleine troost voor een stad die haar glazen droompaleis te vroeg verloor.