
De Al-Ihsane moskee in het Amsterdamse Geuzenveld is een bijzonder gebouw. Niet alleen is het een prachtig voorbeeld van eigentijdse religieuze architectuur, het is voor zover bekend ook het enige bouwproject waarbij de gemeente eiste dat het zou aansluiten op de stijl van Dudok. Voor architect Gerard Rijnsdorp was dat eerder een inspiratiebron dan een beperking van zijn artistieke vrijheid.
“De moskee is gebouwd in het Mendes da Costahof, dat helemaal omsloten is door woongebouwen van Dudok. En ook de lage bedrijfsgebouwen waar de moskee voor in de plaats is gekomen waren van Dudok. Daar zat de oude moskee in. Dus afgezien van de eis van de gemeente was het ook erg voor de hand liggend dat je dan als architect aansluiting zoekt bij Dudok,” zegt Rijnsdorp.
De gemeente stelde nog meer eisen. De plek en de hoogte van het nieuwe gebouw lagen vast. Traditionele elementen als een minaret of een koepel mochten niet worden toegepast. En toch moest het eruit zien als een moskee. En ‘familie zijn’ van de stijl van Dudok. Rijnsdorp: “De gebouwen die er eerst stonden hadden van die verticale uitstekende muurtjes, penanten, en die heb ik terug laten komen in de moskee. Die doorlopende raamstrook met muurdammen op de bovenste etage verwijst ook naar Dudok, die altijd de horizontale en verticale lijnen benadrukte. En natuurlijk de gele steen, een kleur die Dudok ook heel vaak gebruikte.”
De Al-Ihsane moskee heeft ook subtiele verwijzingen naar andere stijlen. “De hoeken van het gebouw kan je zien als een soort gedrongen torentjes. In de gevels zitten glazen stenen. Dat zijn geen verwijzingen naar Dudok, meer naar de kasba’s in Marokko.”
Dudoks gebouwen zijn inspirerend, ook in deze tijd.
De Dudokiaanse elementen waren volgens de architect goed in te passen in een modern ontwerp. Maar heeft Dudoks werk ook los van de gemeentelijke eis nog waarde voor een architect van nu? Rijnsdorp: “Ik denk het wel. In dat fotoboek van Baan zie je hoe het nu is met Dudoks projecten in een moderne stedelijke omgeving. Dan zie je toch dat die architectuur zich staande houdt. Het zijn fijne gebouwen en fijne omgevingen om te vertoeven. Dat is inspirerend, ook in deze tijd. Maar ik denk niet dat je zijn stijl nu nog letterlijk zou gebruiken. Eerder secundair, de sfeer van zijn werk.”
Rest nog de vraag wat de gebruikers van de nieuwe moskee ervan vinden. Zij hadden geen bijzondere band met Dudok, ook al wonen ze in een Dudokbuurt. “Ik denk dat ze vooral blij waren dat er een nieuwe moskee kon worden gebouwd. En dat ze er ook blij mee waren geweest als het niet naar Dudok had verwezen,” aldus Rijnsdorp. “Wat bijzonder is aan het bouwen van een moskee dat echt zo’n héle gemeenschap erbij betrokken is. Al die mensen hebben samen bijgedragen aan de totstandkoming. Met geld, met eten en vooral met de afbouw van het project, dat hebben ze heel erg in eigen beheer gedaan. Daar heb ik me niet echt mee bemoeid. Dus dat is wel heel anders dan Dudok, die zat er tot het laatste schroefje zelf bovenop.”



